zaterdag 21 december 2013

De muzikale schijf van acht

Voor een voedzame maaltijd bestaat de zogenaamde schijf van vijf (zie ook: http://www.voedingscentrum.nl/nl/schijf-van-vijf/schijf.aspx. Door je dagelijkse maaltijd samen te stellen volgens deze schijf krijg je alle essentiële bouwstoffen binnen. Toch is er voldoende ruimte voor variatie. Deze variatie is dan ook heel belangrijk.



Je kunt je afvragen of er zo'n soort schijf te maken is voor een mooie voedzame muziekles of muzikaal trainingsprogramma. Kunnen we categorieën verzinnen waarin we ieder van onze doelen kunnen onderbrengen? De focus in een les of tijdens een oefensessie ligt maar al te vaak in de details. Daarom kan het goed kan zijn om zaken daarnaast ook in een breder perspectief te bekijken. De punten die ik zelf hanteer zijn:

1. Solfège (op het gehoor muziek leren naspelen),
2. Techniek (alle handelingen nodig om klank voort te brengen),
3. Sound (toonvorming, alles van plectrum-aanslag tot afstelling van je apparatuur),
4. Ritme/timing/vormbesef (alles omtrent hoe we in muziek met tijd en indeling daarvan omgaan),
5. Theorie (een modelvormige beschrijving van de muzikale werkelijkheid om haar beter te kunnen begrijpen, bijvoorbeeld harmonieleer),
6. Idioom/repertoire (kennis van bestaande composities, improvisaties of licks),
7. Creativiteit/improvisatie (creeeren van nieuwe bruikbare vormen en structuren op basis van al bestaande),
8. Mentale vaardigheden (omgaan met concentratie, doelen, (muzikaal-) voorstellingsvermogen, druk).

Binnen elk van de categorieën is een rijkdom aan oefeningen te bedenken. Ook is overlap denkbaar; Zo kan techniek je helpen bij het onderwerp solfège (Bij een melodie vertalen we een klank in een serie grepen op een instrument. De grepen volgen een (of meerdere) toonladder(s). Kennis van toonladders kan dus ons zoeken vergemakkelijken).

Uiteraard kun je bovenstaande lijst naar eigen inzicht aanpassen/aanvullen. Het enige doel is de breedte op te zoeken. In het vervolg kun je dan ook zeggen: "Dat was een voedzame les!"

dinsdag 12 november 2013

Conversations with the Coach

In mijn zoektocht naar verbreding van mijn kennis over musiceren, muziekles en optreden was het interessant om kennis te maken met sport-en prestatie-psychologe Maybritt Larsen. Tussen sport en musiceren zijn veel parallellen te trekken; allereerst vereisen beide veel training en oefening. Daarnaast is een optreden te vergelijken met een wedstrijd; op een vastgesteld tijdstip wordt er een prestatie verlangd van de speler. Bij zo'n optreden is het fijn als je het resultaat van al die training optimaal kunt laten zien. Het risico is natuurlijk dat je 'je dag niet hebt'. Maar, zou het niet mooi zijn als je elk optreden 'je dag hebt'? Of liever: zijn er mentale vaardigheden die je helpen om elk optreden zo succesvol mogelijk te maken? "Natuurlijk!", zeg ik dan als rechtgeaard gitaardocent; immers, alles is te leren is mijn geloof. Maybritt noemt dat 'the mastery approach'. Een mooie term uit de sportpsychologie die mijn geloof nog eens versterkt!



Gedurende de gesprekken die we hadden hebben we gepraat over de Individuele Zone van Optimaal Functioneren (kortweg IZOF) waarbij je je beste optreden vergelijkt met je slechtste. De emoties die je waarneemt bij het beste optreden zet je uit in een grafiek en vergelijk je in intensiteit met die van je slechtste optreden. Zo kan het voor sommige muzikanten best zijn dat ze beter spelen als ze zich een beetje kwaad maken. Via de grafiek ga je op zoek naar de een optimale mix van emoties. Nu zou een vraag kunnen zijn: "kun je je emoties wel beinvloeden?" Emoties hangen nauw samen met gedachtes en dus kun je de link leggen naar je gedachtes en vervolgens naar hun oorzaken. Er zijn de gedachtes veroorzaakt door problemen die zich voordoen, mensen die tegen je praten tijdens het spelen, stroom die uitvalt, snaren die breken etc... Is er sprake van positieve zelfspraak (je denkt bijvoorbeeld: "ik speel gewoon door zonder hoge e-snaar, komt wel goed!", "men heeft begrip voor stroomuitval, wanneer de electriciteit weer werkt speel ik de sterren van de hemel!") in dat soort situaties of denk je overwegend negatief/in problemen ("Oh nee, waarom gaat die man nu net tegen me praten, zo kan ik niet spelen..")? Het leuke was dat in de analyse van de resultaten al snel doorgeredeneerd werd naar essentiele vragen: "Waarom wil je eigenlijk optreden? Voor wie speel je? voor jezelf? Voor je publiek? Voor de componist?".



Al met al heb ik een hoop nieuwe (psychologische) inzichten verworven en ik zie ernaar uit om weer eens met Maybritt van gedachten te wisselen.

Voor meer informatie over Maybritt Larsen verwijs ik je graag door naar haar blog: http://maybrittl.tumblr.com/ en haar LinkedIn-profiel: nl.linkedin.com/pub/maybritt-larsen/59/542/654/

woensdag 30 oktober 2013

Musiceren als verhalenvertellen

Pas geleden was ik bij een concert van Kraftwerk, de bekende Duitse band die beschouwd wordt als grondlegger van techno-muziek. Het optreden heeft erg grote indruk op mij gemaakt en deed me weer eens nadenken over muziek in ruime zin. Hoe krijgt een band het voor elkaar voor decennia lang een publiek aan zich te binden? Wat maakt dat ikzelf naar een band blijf luisteren?



De vier heren stonden de hele show stil achter een deskje en je zag eigenlijk nauwelijks wat ze precies deden. Dat werkte overigens in mijn voordeel. Er waren geen momenten dat ik het knap vond wat ze deden (zoals ik bij een jazz-concert nog wel eens heb). Als musicus die een concert bezoekt geeft dat nogal eens ruis op de lijn; dat je het 'knap' vind wat iemand doet. 'Knap gedaan hoor!' ;) Het enige dat er voor mij gebeurde was dat zich een verhaal ontvouwde, aangekleed met muziek die ik al heel lang ken en waar ik dus een emotionele band mee heb. Een verhaal over de toekomst, technologie en de verhouding mens-versus-machine (letterlijk verwoord in Man Machine). Overigens spreek ik over toekomst, maar veel van het Kraftwerk-repertoire is al door de tijd ingehaald zodat je beter kunt spreken van een tijdsbeeld. Maar het verhaal en de daardoor ontstane band met het publiek vormt een mooie bron van sustainable business in muziek.



In het boekje 'Doorbraak!' van Niels Aalberts valt ook veel te lezen over het 'verhaal' van een artiest als belangrijk marketing-instrument. In talentenshows op televisie wordt ook een verhaal gecreeerd om een persoon, daar worden vervolgens emoties aan gekoppeld doordat je als kijker meeleeft met het proces. Je ziet familie en vrienden lachen, huilen, zelfs gillen om de prestaties van de talenten en dat vergroot de band van het publiek met het product. Het risico bestaat echter dat de houdbaarheid van een artiest niet groter is dan de tijd die het duurt voordat de show een nieuwe winnaar heeft waar weer hetzelfde verhaal aan gekoppeld wordt in een reeks zenuwslopende voorrondes, halve finales en wat dies meer zij. De waarde van een artiest wordt bepaald door hoe(-veel) erover gepraat wordt (of hoeveel blogs erover geschreven worden ;-)).

Hoe het ook zij, ik zal nog vaak terugdenken aan deze mooie ervaring!

maandag 30 september 2013

Flow en de kunst van het oefenen

Een van de meest leerzame dingen die ik gezien heb in mijn loopbaan als gitaardocent is te merken hoe verschillende mensen met doelstellingen omgaan. Aangezien ik zelf de eerste jaren geen les heb gehad en dus steeds mijn eigen doelstellingen (met vallen en opstaan) heb bedacht is dit een mooie eye-opener geweest. Het formuleren van doelstellingen is een voorwaarde om te ontwikkelen maar heeft ook bijwerkingen. Zo kan een te moeilijke doelstelling het plezier in het oefenen ondermijnen en een te makkelijke doelstelling tot verveling leiden wat ook weer negatief is. Veel van mijn eigen vroege doelstellingen waren erg hoog gegrepen en eenzijdig. In mijn tijd op het conservatorium kwam ik dan ook regelmatig mezelf tegen.

Vooral als een leerling met hoge verwachtingen aan lessen begint en direct heel zelf-kritisch is kan hij zichzelf wat in de weg gaan staan in zijn ontwikkeling. De leerling hoort elk kraakje en rammeltje in zijn spel en wil dat direct oplossen. Ons denkvermogen en daarmee het vermogen om te oordelen staat ons dan in de weg. Je zou de vergelijking kunnen maken met een kind dat leert lopen. Voor een volwassene zijn de eerste stapjes van een kind verre van perfect, sterker nog, het ziet eruit als een volwassene die dronken is! De meeste ouders zullen echter (vanuit inlevingsvermogen) juist heel blij zijn met die eerste 'dronkenmansstapjes'. Vanuit de ontwikkeling van het kind is die 'dronkenmansfase' zelfs essentieel.

Kunnen we ons leren dan wellicht optimaliseren? Natuurlijk! Onderstaand diagram geeft een mooie weergave hoe we onze doelstellingen (challenges) en vaardigheden (skills) zodanig tegen elkaar kunnen uitspelen dat er een situatie van flow ontstaat.



Als docent heb ik me aangewend om bij eerste kennismaking mijn verwachtingen bij een leerling heel flexibel te kunnen aanpassen. Alleen zo kun je aansluiten bij de leerling om zo de progressie optimaal te kunnen maken. Ik zou leerlingen zoveel mogelijk willen aanbevelen om zelf ook flexibel te worden met hun eigen verwachtingen. Heb je wel vijf kritiekpunten op je eigen presteren ("ik speel te langzaam", "het wisselen van greep duurt te lang", "mijn tempo schommelt", "ik raak steeds de verkeerde snaar aan", "bij de tweede greep hoor ik snaren rammelen") kies dan de belangrijkste er (samen met je docent) eens uit en probeer daar een oplossing voor te formuleren. Laat je dan niet afleiden door de overige 4, die komen later. Wanneer je merkt dat het oefenen geen verbetering oplevert, vereenvoudig dan de oefening (kleinere fragmenten, lager tempo etc..). Als je daardoor wel verbetering merkt zal dat je motivatie ten goede komen, let maar op! Je zou dit proces samen met je docent verder kunnen stroomlijnen. Kortom: zoek de flow op. Wees mild voor jezelf. En wees vooral niet bang om de dialoog met je docent op gang te brengen!

donderdag 15 augustus 2013

Fusion gitaar muziek

Toen ik begon met gitaarspelen leerde ik veel muziek kennen via de radio en televisie. Uiteraard kom je dan veel in aanraking met popmuziek. Toen mijn nieuwsgierigheid begon toe te nemen ging ik verder luisteren dan mijn oor lang was en kwam ik al snel met het begrip fusion in aanraking. De 'stijl' fusion ontstond toen jazzmuzikanten eigenschappen van pop-/rock-muziek wilden combineren met die van jazzmuziek. Een voorbeeld van zo'n stilistische versmelting was Bitches Brew van Miles Davis. Dit album wordt in het algemeen gezien als een van de eerste commercieel succesvolle jazz-rock albums. Het album dateert uit 1970.

Als ik het me goed herinner was Jan Akkerman de eerste die me wat op het fusion-spoor bracht. Ook zijn muziek leerde ik kennen via de radio en wel via het nummer 'Prima Donna'. Het album 'The Noise of Art' had ik al snel gevonden en aangeschaft. Mijn ontdekkingstocht ging verder en tot op heden vind ik Akkerman's album 'Pleasure Point' van zijn solo-albums het hoogtepunt. Op dit album staat onder meer 'Visions of Blue'. Een mooie combinatie van synthesizers en o.m. nylonsnarig gitaar met mooie Spaanse invloeden.

Al snel kwam Jeff Beck's album 'Blow by Blow' op mijn pad en in navolging daarvan ook 'Wired'. Op beide CD's is Jeff Beck op zijn bekende melodische manier te horen. Wired is behoorlijk steviger maar wederom zeer smaakvol.

Een wat meer recente ontdekking is Steve Morse. Enige tijd geleden hoorde ik zijn album 'Outstanding in their field' met daarop zijn bekende mix van aanstekelijke composities en stevig rock-plectrum-gitaarspel. Opvallend is het feit dat hij snel country-gitaarspel als belangrijke invloed heeft in zijn spel; zelfs als hij met een rock-sound speelt. Een mooi voorbeeld is het liedje 'Here and Now and Then'. Als we wat verder teruggaan dan is er het liedje 'The Bash' van de Dixie Dregs waar Steve de gitarist van was waarin de country-onvloeden helemaal overduidelijk zijn ;-).

Een ander zeer interessant voorbeeld van versmelting van stijlen was het beroemde gitaartrio met John McLaughlin, Paco de Lucia en Al DiMeola. Zie voor een voorbeeld 'Mediterranean Sundance'. Mooi om te zien is hoe ieder van de gitaristen van de ander leert; Paco de Lucia die vanuit de flamenco-traditie jazzmuziek in zijn stijl heeft verwerkt en John McLaughlin en Al DiMeola die vanuit de jazz op hun beurt flamenco-invloeden overnemen. Luister ook eens naar: 'Black Orpheus'

Een andere leuke ontdekking was voor mij Gary Moore te horen in de band Colosseum II. Op hun album 'War Dance' was voor mij een frisse mengelmoes van stijlen te horen. Een mooie live-opname is te horen via 'Colosseum II - BBC Sight and Sound in Concert 1978'

Een ander fenomeen in de fusion is Scott Henderson. Deze gitarist heeft voortgeborduurd op de bluesy stijl van Stevie RayVaughan en daar de jazz van mensen als Herbie Hancock aan toegevoegd. Naast zijn CD's met Tribal Tech is ook zo'n solo-werk in de wat meer bluesy sfeer opmerkelijk smaakvol. Luister alleen al eens naar: 'Tore Down House' en met Tribal Tech op: Sojlevska

Kortom de fusion-muziek heeft een hoop te bieden en met de beschikbaarheid van alle muziek via iTunes, Youtube en Spotify zie ik de vermenging van stijlen in de toekomst alleen maar toenemen.

zaterdag 16 maart 2013

Een rijke muzikale traditie: de zigeunerjazz

Ergens in de jaren negentig kwam er een album uit van Jan Akkerman met het Rosenberg trio. Via deze samenwerking leerde ik veel zigeunerjazz kennen. Ik leerde Hot Club de Norviege, Django Reinhardt en het Rosenberg trio steeds beter kennen. In een masterclass van Jan Akkerman ergens in Hilversum rond die tijd benadrukte hij de invloed van Django Reinhardt op zijn spel. Reden genoeg voor mij om deze stijl beter te willen leren kennen.
Het interessante van zigeunergitaristen is dat zij het musiceren vaak van jongs af aan leren van familie. Van Stochelo is ook bekend dat hij platen van Django Reinhardt tot op de noot uitzocht. Een mooi voorbeeld van de auditieve aanpak. Voor mij is dit altijd een inspiratie geweest om met mijn oren wijd open naar muziek te luisteren. Het mooie van Stochelo is dat hij een persoonlijke en herkenbare stijl heeft ontwikkeld en toch heel duidelijk de traditie trouw is gebleven.
Leuk om te zien is dat Stochelo al op zeer jonge leeftijd (12!) op TV in het destijds zeer populaire programma Stuif Es In te zien is:



Je kunt begrijpen waarom deze gitarist is uitgegroeid tot een wereldwijd fenomeen.
Maar dan Django Reinhardt, toch wel beschouwd als de meest invloedrijke gitarist in dit genre. Een voorbeeld van zijn muziek is te zien en te horen op youtube via:



Hoewel de beelden en de muziek niet met elkaar corresponderen is toch te zien dat Django met slechts 2 vingers gitaar speelt. Dit is te wijten aan een brand in zijn woonwagen waarbij zijn pink en ringvinger verlamd en misvormd raakten.
Dat Django desondanks toch zeer virtuoos gitaar kon spelen en de wereld van de jazzgitaar op zijn kop zette maakt hem tot een uniek en zeer inspirerende figuur in de muziekhistorie. Meer over hem is te vinden op: http://nl.wikipedia.org/wiki/Django_Reinhardt
Van de eerste plaat van het Rosenberg trio, genaamd Seresta, heb ik het eerste nummer uitvoerig bestudeerd en ik speel het, met gebruik van mijn ringvinger en pink, na in de volgende video:

vrijdag 18 januari 2013

Autumn Leaves - een timing studie

Uit gesprekken met leerlingen, collega-docenten en collega-musici en mijn eigen ervaringen tijdens het spelen is me duidelijk geworden dat de ontwikkeling van een verfijnd gevoel voor timing een lastig onderwerp is. Toch is de luisteraar intuïtief ontzettend gevoelig voor deze kleine nuances.
Mensen als Miles Davis en Cannonball Adderley zijn voor mij op dit gebied uitstekende voorbeelden. Als je Miles beluisterd besef je dat vier kwartnoten op veel verschillende manieren kunnen worden getimed. "Lui", "heel lui", "absurd lui" of "precies op de tel" zijn dan veel gehoorde kreten om te benoemen hoever de kwartnoten na de tel worden geplaatst. Vóór de tel spelen klinkt minder aangenaam en veroorzaakt vaak een gejaagd gevoel.
Musici en luisteraars relateren wat ze horen aan de tel en de onderverdelingen daarvan. Het is dus heel belangrijk om tijdens het oefenen te kunnen controleren of je jezelf bewust bent van de tel en deze onderverdelingen. Dit kan bijvoorbeeld door met je voet in de maat te tikken. Bij lui getimede noten speel je de noot feitelijk iets na het neerzetten van je voet.
Er spelen dus bij timing in ieder geval twee gelijktijdige processen:

1. Tel- en verdelings-bewustzijn,
2. het spelen van de noten.

Drummer Peter Erskine heeft met zijn boek 'Time Awareness' een prima oefenboek (voor alle instrumenten) om je te trainen in het ontwikkelen van deze gelijktijdigheid (http://www.amazon.com/Time-Awareness-Musicians-Book-Audio/dp/0739038540).

Waarschijnlijk is onze grote gevoeligheid voor tijdsverschillen (zonder per se muzikaal getraind te zijn) ontstaan om ons te helpen ons te oriënteren. Vooral in het donker of met onze ogen dicht. We kunnen horen aan weerkaatsingen van geluid hoever we van een object verwijderd zijn. Geluid legt ca. 343 meter per seconde af in lucht bij kamertemperatuur. Als we een meter van een object verwijderd zijn doet de weerkaatsing er zo'n 3 milliseconde over om ons oor te bereiken. Via zgn. echo location kun je op je gehoor een 3-D beeld van je omgeving in gedachten visualiseren. Dit is te illustreren aan de hand van het prachtige filmpje van een blinde fietser die zich oriënteert op basis van weerkaatsing van geluid.



De solo van Cannonball Adderley is voor mij vanaf het eerste moment dat ik hem hoorde een krachtig voorbeeld van timing. Het heeft me behoorlijk wat uurtjes gekost om qua timing in de buurt te komen van het origineel.